Hoe Petrus nog altijd drommen toeristen naar Rome trekt

Home > Blog > Hoe Petrus nog altijd drommen toeristen naar Rome trekt
Op 19 september 2019 verschenen op Radboud Recharge

Of apostel Petrus ooit in Rome is geweest, zullen we nooit achterhalen. Zijn invloed op Rome sinds de tweede eeuw valt beter te onderzoeken en dat is precies wat historici van de Radboud Universiteit hebben gedaan. Toeristen en pelgrims stromen nog steeds naar plekken die in de eerste eeuwen na Christus belangrijk zijn geworden.

Omstreeks 64 na Christus overlijdt de apostel Petrus, nadat hij omgekeerd is gekruisigd. Honderd jaar later claimen nakomelingen zijn lichaam te vinden en een Petruscultus is geboren. In de eeuwen die volgen, verschijnen steeds meer vereringsplekken van Petrus, met de Sint-Pietersbasiliek in Rome als bekendste voorbeeld. ‘Zijn martelaarschap in Rome staat aan de basis van alle Petrustradities’, stelt historicus Roald Dijkstra. ‘Niet voor niets is de Sint-Pieter op die plek gebouwd en wordt zijn graf nog altijd massaal bezocht.’

Tussen 2014 en 2017 werkte Dijkstra samen met mediëvist Dorine van Espelo in het onderzoeksprogramma Anchoring Innovation. Samen struinden ze Rome af om de vroegste Petrustradities te ontrafelen, met de historische gids Petrus in Rome als resultaat. ‘We bezochten plekken, gewijd aan Petrus en verzamelden de verhalen bij die locaties,’ zegt Dijkstra. ‘De basiliek van San Sebastiano aan de Via Appia, waar de lichamen van Petrus en Paulus zouden hebben gelegen.’ Of minder bekend: ‘Het mozaïek in de San Pudenziana kerk, gebouwd in de vierde eeuw na Christus en volgens de overlevering een woonplek van Petrus.’

Hoe Petrus nog altijd drommen toeristen naar Rome trekt Quo Vadis-kerk aan de Via Appia in Rome (Foto van Holger Gruber, via Wikimedia Commons).

Botten in het riool

Dijkstra wijst op de politieke, maatschappelijke en artistieke invloed van Petrus. Op zijn graf werden politieke eden gezworen. Als een eed op papier er na een nacht op Petrus’ graf ongeschonden lag, werd deze aanvaard. Een enkele keer trof men een verkoolde eed als teken van afwijzing. ‘Dan had Petrus gesproken. En heel toevallig zag de toenmalig bisschop van Rome dan nou net evenmin iets in die eed.’ Petrus’ graf werd ook geliefd bij keizers en koningen die er tijdens hun verblijf in Rome steevast een bezoek brachten.

Verder kozen bestuurders locaties, gewijd aan Petrus, om begrafenismaaltijden – maaltijden na een begrafenis – te organiseren voor de armen. ‘Zo konden ze zich als weldoener profileren. De locaties hadden een symbolische waarde; ze suggereerden een band tussen Petrus en henzelf.’ Ondertussen haalden kunstenaars inspiratie uit de apostel. ‘Naar motieven uit de klassieke oudheid portretteerden ze hem als wijze met een boekrol.’ Hoewel Petrus geen filosoof was, maar een eenvoudige visser, maakten dit soort beeltenissen hem populair bij de hogere klasse.

Zijn invloed mag aanzienlijk zijn, deskundigen betwijfelen of Petrus ooit een voet in Rome zette. ‘Binnen enkele decennia na Petrus' overlijden, zijn er korte verwijzingen, zonder details, naar een dood in Rome. De eerste archeologische vondsten stammen van zo'n tachtig jaar na zijn overlijden. En deze zijn niet zonder meer aan Petrus te koppelen. Het eerste uitvoerige verslag van zijn Romeverblijf – De Handelingen van Petrus – is 120 jaar na zijn dood verschenen.’ Rond de vondst van Petrus’ lichaam worden eveneens vraagtekens geplaatst. ‘Petrus stierf als veroordeelde aan het kruis en normaal gesproken spoelden ze de botten van misdadigers gewoon door het riool. Nuchter beschouwd is dus het onwaarschijnlijk dat het zijn botten waren.’

Vliegende tovenaar

Of Petrus ooit in Rome was, doet voor de Petrustradities niet ter zake; daar wordt nog altijd lucht in gepompt. Neem Quo Vadis (1895) van de Poolse schrijver Henry Sienkiewicz. Dat boek – meermaals verfilmd in de twintigste eeuw – is gebaseerd op een verhaal waarin Petrus vlucht uit Rome, Christus ontmoet en vervolgens terugkeert om zich in plaats van Jezus te laten kruisigen. ‘Dankzij het boek en de films raakte de kleine Quo Vadis-kerk aan de Via Appia in trek. De oude verhalen blijven bovenkomen. ‘Een mooi voorbeeld is het boek De bekentenissen van Petrus van Jeroen Windmeijer, die ook wel de Nederlandse Dan Brown wordt genoemd.’

De verhalen spelen een rol in de ongekende toeristenstroom richting Rome. Zowel pelgrims als ‘gewone’ toeristen bezoeken de plaatsen die met Petrus in verband staan. ‘Op weinig plaatsen zijn de tradities zo goed bewaard gebleven als in Rome. En Petrus is onderdeel van die tradities.’

Zelf geniet Dijkstra vooral van het verhaal over Petrus en Simon Magus. ‘Simon de Tovenaar was een magiër die kon vliegen. De term simonie – het kopen van een geestelijk ambt – is van deze figuur afgeleid.’ Simon zou vlak bij het Forum Romanum hebben rondgevlogen, maar door zijn gebeden zorgde Petrus ervoor dat hij neerstortte. ‘Dat ze hun strijd uitvochten rond het Forum, midden in Romes politieke centrum spreekt tot de verbeelding. Tegenwoordig herinneren alleen Petrus’ knie-afdrukken in een klein kerkje bij het Forum aan deze strijd.’

Roald Dijkstra, Dorine van Espelo | Petrus in Rome. Een historische gids tot de oudste Petrustradities | Uitgeverij Garant.